Tijdelijke verhuur

Tijdelijk verhuren van leegstaande woning

De eigenaar van een leegstaande woning mag deze in bepaalde situaties tijdelijk verhuren, bijvoorbeeld als de woning te koop staat of gesloopt gaat worden. Daarvoor is een vergunning nodig van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de woonruimte ligt. De vergunning geldt voor maximaal 2 jaar en kan daarna telkens met maximaal 1 jaar verlengd worden tot een totale termijn van 5 jaar. Dit is geregeld in de Leegstandwet.

Bij het tijdelijk verhuren van uw pand(en) komt nogal wat kijken. Zeker omdat regelgeving voor tijdelijke verhuur regelmatig wijzigt. En wat is een goede maar reële huurprijs?

De VBO-makelaar kent de markt en adviseert u over een geschikte huurprijs. Het uitgebreide VBO-netwerk en de website spelen een belangrijke rol bij het vinden van een betrouwbare huurder. Maar een advertentie in een regionale of lokale krant kan ook worden ingezet om tot resultaat te komen.

De VBO-makelaar verzorgt de bezichtigingen en de benodigde informatie zodat de huurder snel tot een beslissing kan komen. En is die beslissing positief, dan stelt uw VBO-makelaar een gedegen huurcontract op met duidelijke afspraken. Zodat ook het vervolgtraject naar tevredenheid verloopt en u er zo min mogelijk omkijken naar heeft. Uw VBO-makelaar kan eventueel ook optreden als beheerder van uw pand. Hiermee wordt u veel werk, zoals incasso en onderhoud, uit handen genomen.

Voorwaarden tijdelijke verhuur

De volgende soorten woonruimte kunnen volgens de Leegstandwet tijdelijk verhuurd worden:

  • woonruimte in een gebouw;
  • woonruimte in een woning die te koop staat (particuliere koopwoning) die nog nooit bewoond is geweest (nieuwbouwwoning);
  • woonruimte in een particuliere woning die te koop staat en in de 12 maanden voordat de woning leeg kwam te staan, door de eigenaar bewoond is geweest;
  • woonruimte in een woning die te koop staat en in de 10 jaar voordat de woning leeg kwam te staan maar 3 jaar (geheel of gedeeltelijk) verhuurd is geweest;
  • woonruimte in een huurwoning die gesloopt of gerenoveerd gaat worden. De renovatie of sloop moet ingrijpend zijn en binnenkort gebeuren.

Tijdelijke verhuur en huurbescherming

Bij tijdelijke verhuur op grond van de Leegstandwet gelden de normale huurbeschermingsregels niet. De huurder heeft dus geen huurbescherming bij beëindiging van de huur. De huurovereenkomst moet wel voor ten minste 6 maanden zijn en er geldt een opzegtermijn van minimaal 1 maand voor de huurder en minimaal 3 maanden voor de verhuurder. De huurovereenkomst stopt automatisch als de vergunning is verlopen.

In de huurovereenkomst moet duidelijk staan dat het gaat om tijdelijke verhuur op grond van de Leegstandwet, voor welke termijn de vergunning is verleend en welke maximale huurprijs in de vergunning is vermeld.

Is er in dat geval een verlenging van de vergunning aangevraagd en is er nog geen beslissing genomen, dan loopt de huurovereenkomst door.

Huurprijs

De huurprijs mag niet hoger zijn dan de prijs die in de vergunning staat. De maximale huurprijs wordt vastgesteld met het woningwaarderingstelsel (puntensysteem). Dit geldt ook voor woningen met genoeg punten om in de vrije sector verhuurd te kunnen worden.

Uitzondering regel huurprijs
Er geldt (tijdelijk) een uitzondering voor het bepalen van de huurprijs bij tijdelijke verhuur van woningen die te koop staan. Woningen die te koop staan, mogen tot 1 januari 2014 wel in de vrije sector verhuurd worden als de woning daarvoor genoeg punten heeft.

  • Tot 1 juli 2010 was dat bij 143 of meer punten;
  • van 1 juli 2010 tot 1 januari 2011 was dat bij 141 of meer punten;
  • van 1 januari 2011 tot 1 juli 2011 is dat bij 142 of meer punten (bepalend is de ingangsdatum van de huurovereenkomst).

De gemeente hoeft in dat geval geen maximale huurprijs in de vergunning te vermelden. Dit is bepaald in de Crisis- en herstelwet.

Herleving hypotheekrenteaftrek na tijdelijke verhuur

Mensen die hun te koop staande woning tijdelijk verhuren, hebben de mogelijkheid om na afloop van de verhuurperiode opnieuw hypotheekrente af te trekken. Belangrijke voorwaarde daarbij is dat de totale maximale periode waarin deze hypotheekrente mag worden afgetrokken niet wordt overschreden. Deze maximale periode is in 2011 en 2012 tijdelijk verlengd van 2 naar 3 jaar. Het jaar waarin de eigen woning wordt verlaten niet meegeteld.

Ook de 'herlevingsregeling' na tijdelijke verhuur is tijdelijk en is pas met een jaar verlengd. Ze geldt nu voor 2010, 2011 en 2012. Voorbeeld: een woning wordt in 2011 te koop gezet en verlaten. Dan kan tot en met 2014 hypotheekrenteaftrek worden gekregen voor deze onverkochte woning. Als de woning in 2012 tijdelijk wordt verhuurd, dan vervalt de aftrek gedurende de verhuurperiode, maar keert weer terug als de verhuur is beëindigd. Na 2014 is de aftrek definitief beëindigd.